Openluchtmusea in Europa
Noord-Amerika
Bijna alle Noord-Amerikaanse openluchtmusea werden na de Tweede Wereldoorlog gesticht. Geschiedenis werd er niet gezien als een taak voor de overheid. Daarom werden musea vaak gesticht door rijke particulieren en beschikten zodoende over meer financiële middelen en personeel. Daartegenover staat dat ze moesten renderen en flirtten met de grens met pretparken. Vele musea stelden zich ten dienste van het Amerikaanse patriotisme en concentreerden zich op één periode, in het bijzonder die van de eerste kolonisten en de burgeroorlog. Daarom bevinden ze zich haast uitsluitend aan de oostkust. Daarvan zijn Colonial Williamsburg ' gesteund door de Rockefellers ' en het Village Historique Acadien in Canada goede voorbeelden. Er bestaan ook musea die rond één persoon of familie draaien. Zulke musea brengen de jeugdjaren van de stichter-sponsor in herinnering, zoals Greenfield Village doet met automagnaat Henry Ford.